Terwijl de kinderen zelfstandig de sommen maken kan je over de schouder van de kinderen zien hoe het loopt. Moet ik er naar toe?

• Loopt het goed (veel groen).

• Gaat te langzaam (veel lichtgrijs).

• Wel veel fouten (donkergrijs)?



• Weet niet (wit)


Dit is de tafel van:

5
10
15
20
25
0
1
2
3
4
   
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
   
15
16
17
18
19
         






Zeg: In groen staat een tafel. Welke tafel staat daar?


Analyse van gemaakte sommen. Nog 25 te gaan.


Deze leerstap (t3).